Vorige week bezocht HCSS onderzoeksdirecteur Tim Sweijs de defensiebeurs Eurosatory in Parijs, een van de grootste internationale evenementen op het gebied van defensie en veiligheid, waar fabrikanten hun nieuwste technologieën presenteerden. Aansluitend reisde hij door naar Duitsland voor de grootschalige militaire oefening Fighter Lion, waar hij gesprekken voerde met Nederlandse landmacht militairen op verschillende niveaus. Daarnaast publiceerde hij een nieuwe HCSS-studie Lessons That Transfer: Observations from the Russo-Ukrainian War for European Land Forces, waarin wordt onderzocht welke ontwikkelingen Europese landstrijdkrachten serieus moeten nemen in de komende drie tot vijf jaar.
7 inzichten
- Er is ontzettend veel positieve energie onder de landmacht militairen in allerlei geledingen van de organisatie: van experimenten in de avonduren met UAVs (vliegende drones) door jonge kapiteins, die inmiddels flink opgeschaald zijn, tot aan iets-minder-jonge kolonels die de ontwikkeling van digitale netwerken te velde ter hand namen. Echt heel goed om te zien (en wat een verschil met enkele jaren terug).
- Er is een schrijnend gebrek aan grondgebonden luchtverdediging inclusief counter-drones. Dit is echt een probleem: onze mensen worden sitting ducks aan het front (en in de rear area) in geval van een oorlog met Rusland. Dit baart mij zorgen.
- UGVs (onbemande grond voertuigen) zullen het komende jaar in steeds grotere getalen hun opwachting maken op het slagveld. Er is kennis hierover (en er is veel mee ge-experimenteerd), maar de aantallen lijken klein en de integratie in optreden beperkt.
- UAVs zijn er in allerlei soorten en maten maar eveneens in zeer kleine aantallen aanwezig terwijl de stalemate in Oekraïne demonstreert dat kwantiteit een essentiële kwaliteit is.
- Rusland schaalt op naar een hoger niveau van oorlogsvoering (van brigade naar divisie naar korps). “Wij” (Europa NAVO) gaan dat ook doen (over het waarom daarvan later meer), maar daarvoor moet je wel op die schaal oefenen (en dat is echt een orde groter dan Fighter Lion).
- Voor de deep fight – dat wil zeggen het uitschakelen van de bevoorradings-, versterkingslijnen, en commandocentra van je tegenstander, is betaalbare langere dracht (denk 300 km plus) nodig – zie recente ontwikkelingen in Oekraine en deels (!) ook Iran’s tactieken. Op de Eurosatory waren daar tal van voorbeelden van te zien.
- Voor moderne oorlogsvoering – inclusief voor het in Nederland en de NAVO veel gebazuinde MDO (multidomein optreden) – moet je met eenheden op verschillende niveau’s kunnen praten en informatie delen – zeker ook als je bijvoorbeeld, zoals Nederland, integreert met het Duitse leger. alleen zo kun je ‘orchesteren’ en ‘coordineren’ en ‘synergetische’ effecten bereiken. Wat schetst mijn verbazing: die technologie is er, maar er zijn technische en juridische obstakels die het delen van informatie via digitale infrastructuur in de weg staan.






