News

Column: Vaccinatieprogramma’s zijn politieke shows geworden

February 26th 2021 - 09:02

Het debat over wie wanneer welke vaccins krijgt geleverd, krijgt soms hysterische trekjes. Even de feiten: een jaar geleden brak de coronacrisis in volle hevigheid uit. Farmaceuten gingen op zoek naar vaccins en ontwikkelden die in recordtempo door goede samenwerking en investeringen door overheden en de EU. Vervolgens werden ze in hoog tempo goedgekeurd, zodat binnen een jaar het prikken kon beginnen. Een megaprestatie.

Maar nu begint het gooien met modder: rijke landen houden vaccins voor zichzelf. Ontwikkelingslanden komen achter in de rij te staan waardoor de ongelijkheid in de wereld wordt vergroot. De Britten zouden door AstraZeneca zijn voorgetrokken. Rusland en China vergroten hun macht door overal ter wereld hun vaccins aan te bieden. In Europa klinken politieke verwijten als de buren sneller prikken. Al dat gedoe is verklaarbaar gezien de ernst van de situatie. Tegelijkertijd kan een beetje rust in het debat geen kwaad.

De gezamenlijke inkoop van vaccins is uit nood geboren

De rol van de EU is het meest opmerkelijk. Gezondheidszorg is altijd de verantwoordelijkheid van de lidstaten geweest. De gezamenlijke inkoop van vaccins is uit nood geboren. Dat was goed omdat je er niet aan moet denken dat de lidstaten allemaal hun eigen aankoopprogramma hadden gehad. Landen waar een fabriek gevestigd is, zouden de vaccins zelf hebben willen houden. 

De ruzies die daarvan het gevolg zouden zijn geweest, hadden heel Europa ontwricht. De kwestie AstraZeneca toont dat aan. Toen bleek dat de Britten meer vaccins kregen, terwijl daar geen goede verklaring voor was, wilde commissievoorzitter Von der Leyen een exportverbod en wilde ze tegelijkertijd de sluiproute van AstraZeneca via Noord-Ierland naar het VK blokkeren. Het leverde haar woedende reacties op, maar haar actie was achteraf gezien wel verklaarbaar. De zaak stonk. Bovendien had zonder de brexit dit probleem niet bestaan.

Von der Leyen had zeker gelijk toen ze vraagtekens zette bij het Russische aanbod om Spoetnikvaccins te leveren. Waar haalt Rusland die vandaan als men daar niet eens in staat is voldoende voor de eigen bevolking te produceren? Dat geldt overigens ook voor China dat zijn vaccins overal ter wereld aan de man probeert te brengen, maar onvoldoende vaccins produceert voor de 1,4 miljard Chinezen.

Met veel poeha kreeg Bolivia een zending voor 10.000 mensen

Leveranties en vaccinatieprogramma’s zijn inmiddels politieke shows geworden. Hongarije kocht Spoetnik waarmee Rusland wederom een wig in de EU kon drijven. Met veel poeha kreeg Bolivia een zending voor slechts 10.000 mensen. Deze leveringen zijn onderdeel van de 1,2 miljard doses die ongeveer vijftig landen hebben besteld. Maar tot nu toe kon slechts 2,2 procent van de Russen worden geprikt. Bij China is het niet anders. De Filipijnen slikten hun kritiek op de Chinese claims op de Zuid-Chinese zee in toen hun voorrang werd beloofd bij de levering van vaccins.

Het probleem is dat er meer beloofd wordt dan kan worden waargemaakt. Een oplossing is om het patentrecht tijdelijk op te heffen zodat vaccins op nog grotere schaal overal ter wereld kunnen worden geproduceerd. Maar daar willen de EU, het VK en de VS, waar de belangrijkste producenten huizen, niet aan. Dus hebben wij nog lang te maken met trage leveringen, ‘behulpzame’ Russen en Chinezen en krijgen de meeste ontwikkelingslanden niets.

Vaccinatieprogramma’s zijn politieke shows geworden | Trouw

Rob de Wijk is hoogleraar internationale relaties en veiligheid aan de Universiteit Leiden en oprichter van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies (HCSS). Hij schrijft wekelijks over internationale verhoudingen. Lees zijn columns hier terug. 

Rob de Wijk is the founder of The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) and Professor of International Relations and Security at the Institute of Security and Global Affairs at Leiden University. He studied Contemporary History and International Relations at Groningen University, and wrote his PhD dissertation on NATO’s ‘Flexibility in Response’ strategy at the Political Science Department of Leiden University.