News

Angst houdt Europa af van een gezamenlijk leger. Een gemiste kans

November 26th 2018 - 11:10

De gedachte dat 400 miljoen inwoners van de Europese Unie 350 miljoen Amerikanen nodig hebben om zich te verdedigen tegen ruim 140 miljoen Russen lijkt mij niet geruststellend. 

Zeker niet omdat president Trump met zijn kritiek op de Navo, met zijn handelsoorlog en zijn afkeer van het multilateralisme de trans-Atlantische verhoudingen op scherp zet.

Bondskanselier Merkel, het primaire doelwit van Trumps hoon, was over de gevolgen hiervan duidelijk. In het Europees Parlement stelde ze dat de tijden dat we op elkaar kunnen vertrouwen voorbij zijn en dat we ons lot in eigen handen moeten nemen. Daarom pleitte ze, in navolging van haar Franse collega Macron, voor een Europees leger. Naar aanleiding van Macrons opmerkingen twitterde president Trump dat dit idee very insulting (zeer beledigend) was. 

Een rare opmerking van een president die net besloten had het voor de Europese veiligheid cruciale INF-akkoord, het verdrag tegen kruisraketten, op te zeggen.

 

Zware tanks

Het idee van een Europees leger speelde al in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Duitsland mocht zich niet herbewapenen, maar moest zich wel tegen Rusland kunnen verdedigen. Dit leidde tot het voorstel voor een Europese Defensiegemeenschap. Die kwam er uiteindelijk niet, omdat Frankrijk dwars lag. Angst voor het opgeven van soevereiniteit en de afnemende Sovjetdreiging waren daar debet aan.

Macrons en Merkels ideeën zijn een volstrekt logische reactie op de erosie van de trans-Atlantische betrekkingen en de militaire onmacht van Europa. Door aanhoudende bezuinigingen zijn alleen Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk in staat een brigade met enkele duizenden militairen te mobiliseren en naar de oostgrens te sturen. Of ze daar dan ook aankomen, is de vraag. Bruggen zijn niet meer bestand tegen zware tanks, spoorbreedtes verschillen en bureaucratische obstakels verhinderen soepele grenspassages.

Voorts stuiten ze op nieuwe Russische defensiesystemen die deze eenheden effectief de toegang tot de Baltische landen kunnen ontzeggen. Als die brigades toch aankomen, versterken ze de Baltische minilegertjes en de snel inzetbare eenheden van de Navo die qua omvang ook niets voorstellen.

 

Geweldig voorbeeld

Met de honderdduizenden militairen die in het westen van Rusland zijn gelegerd kan Poetin, volgens een studie van het internationale onderzoeksinstituut Rand binnen zestig uur Estland, Letland en Litouwen innemen. De Navo kan dan uitsluitend nog antwoorden met kernwapens. Dat wil niemand.

Dus moet de Europese defensie worden versterkt. Maar dat kan alleen als een euro meer gevechtskracht oplevert. Dat betekent dat we af moeten van al die nationale hoofdkwartieren, ministeries en bureaucratieën die een te groot deel van het budget opslokken.

Het idee van Merkel en Macron draait daarom om de vraag hoe je als land je soevereiniteit houdt, terwijl je eenheden beschikbaar stelt aan een Europees leger. De Duits-Nederlandse samenwerking laat zien hoe dat moet. Bij het Duits-Nederlandse legerkorps is geen sprake meer van samenwerking, maar van integratie, terwijl beide landen uiteindelijke zeggenschap behouden.

Een Duitse luchtverdedigingseenheid staat inmiddels onder Nederlands bevel. Maar in plaats van dit als een geweldig voorbeeld te zien van hoe zo’n Europees leger kan worden vormgegeven, wordt het hele idee politiek van tafel geveegd. Angst voor het opgeven van soevereiniteit, angst voor de oppositie en angst voor kiezer. Dat heet een gemiste kans. 

Lees wekelijks de column van Rob de Wijk in Trouw!

Rob de Wijk is the founder of The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) and Professor of International Relations and Security at the Institute of Security and Global Affairs at Leiden University. He studied Contemporary History and International Relations at Groningen University, and wrote his PhD dissertation on NATO’s ‘Flexibility in Response’ strategy at the Political Science Department of Leiden University.