Besturen in een versplinterd parlement vraagt regie. Vredesonderhandelingen laten zien hoe je in zo’n mijnenveld toch vooruit komt, schrijft HCSS expert Sven Koopmans in zijn column voor het FD.
Kunnen Rob Jetten en zijn coalitiegenoten zich met het regeerakkoord ‘Aan de slag’ een weg banen door een politiek landschap vol loopgraven? En durft de oppositie haar bunkermentaliteit los te laten zonder kanonnenvoer te worden? Het komende kabinet steunt op 66 van de 150 zetels in de Tweede Kamer en vertegenwoordigt drie van de zestien fracties. In de Eerste Kamer moet het het doen met 22 van de 75 zetels. Versnippering, polarisatie en wispelturige kiezers maken elke stemming onzeker. Internationale vredesonderhandelingen bieden verrassend bruikbare lessen.
Uitruilen
Als een deal afhankelijk is van veel verschillende partijen is een traditionele onderhandelingsmethode, zoals het uitruilen van onderwerpen, heel ingewikkeld. In de formatie van kabinet-Rutte II ‘won’ de PvdA sommige dossiers en ‘verloor’ andere – een strategie die haar electoraal duur kwam te staan. In vredesonderhandelingen blijkt succesvol uitruilen zeldzaam. Ze vergiftigt verhoudingen en het beloofde wisselgeld wordt geregeld niet geleverd.
Effectief onderhandelen begint paradoxaal genoeg met grenzen stellen. De Indonesische regering kon vrede sluiten met Atjeh toen het de rebellen daar duidelijk werd dat over onafhankelijkheid niet te praten viel. De oorlog in voormalig Joegoslavië eindigde mede omdat de Verenigde Staten weigerden met de meest extreme leiders te onderhandelen en zo anderen meer verantwoordelijkheid gaf.
Ook een Nederlands minderheidskabinet kan het krachtenveld beïnvloeden door vooraf helder te maken wat wel en niet op tafel ligt – en onder welke voorwaarden partijen mogen aanschuiven. Den Haag kent dit mechanisme al. De zalmnorm beperkte het heronderhandelen van begrotingen en bracht rust in financiële discussies. Een vergelijkbare benadering voor inhoudelijke dossiers in gesprekken met oppositiepartijen vraagt discipline én flexibiliteit van het kabinet, maar is denkbaar.
Mandjes
Het Colombiaanse vredesproces biedt een concreet model. Onderwerpen werden verdeeld over aparte ‘mandjes’, met eigen onderhandelingstrajecten en deelakkoorden. Binnen zo’n mandje werd hard onderhandeld, maar dossiers bleven gescheiden, zelfs als ze niet waterdicht bleken. Samen vormden de mandjes één historisch akkoord.
De Nederlandse coalitievorming lijkt hier soms op, maar een minderheidskabinet dat permanent moet onderhandelen heeft meer sturing nodig. Een ‘jettennorm’ kan voorkomen dat elke stemming wordt gegijzeld door een conflict op een ander terrein. De defensiebegroting mag niet afhankelijk worden van ruzie over pensioenen, zoals bij het minderheidskabinet in Frankrijk makkelijk kan gebeuren. Zo’n norm werkt alleen als het kabinet een geloofwaardig alternatief heeft wanneer onderhandelingen mislukken.
Nieuwe verkiezingen blijven het ultieme pressiemiddel. Ze lichtvaardig inzetten is riskant, maar de bereidheid ze te overwegen kan escalatie voorkomen. Daarnaast helpt een reputatie: constructieve partners belonen, onbetrouwbare of extreme partijen minder gunnen, en zo nodig zelf tijdelijk verlies nemen.
Achterkamertjes
Tot slot moet Nederland vrede sluiten met de achterkamertjes. De Amerikaanse president Woodrow Wilson beloofde aan het einde van de Eerste Wereldoorlog ‘open covenants of peace, openly arrived at’, maar kwam daar al na een dag op terug. Onderhandelen zonder vertrouwelijkheid bleek onmogelijk. Voor de camera’s lijkt iedere poging tot compromis al snel een zwakte.
Nederland kent een uitzonderlijk open politiek systeem. Transparantie is een groot goed, maar openbaarheid maakt onderhandelen moeilijker. Spelregels en iets meer geheimhouding vergroten de kans op resultaten. In een versplinterd parlement wint dan niet wie het hardst roept, maar wie het slagveld ordent.
Sven Koopmans is oud-VVD-kamerlid en hoofd onderhandeling en conflictoplossing bij het Den Haag Centrum voor Strategische Studies (HCSS). Deze column werd op 13 februari gepubliceerd in het Financieele Dagblad. Lees hier al zijn FD columns.




