Noord-Korea krijgt ruim baan om wereldwijd zijn wapens te exporteren nu het land een ondergeschikte rol speelt in het Amerikaanse buitenlandbeleid zoals Washington dat in zijn Nationale Veiligheidsstrategie heeft geformuleerd. Dat schrijft strategisch analist Hans Horan van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies HCSS.
Begin december maakte de regering-Trump zijn Nationale Veiligheidsstrategie (NSS) bekend, die samengevat kan worden met twee woorden: America First. En dat heeft consequenties, onder meer voor de Indo-Pacifische regio, want een opvallende afwezige in de strategie is Noord-Korea. ‘Donald Trump doet een stap terug’, aldus Horan, die erop wijst dat de NSS kort geleden gevolgd werd door de Nationale Defensiestrategie waarin Pyongyang weer wél genoemd wordt.
Volgens Horan wordt Noord-Korea niet genoemd in de eerste beleidsformulering omdat Donald Trump mogelijk de dialoog met de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un over denuclearisatie weer vlot wil trekken. Eerder mislukten besprekingen tussen beide leiders, en Trump wil toch de geschiedenisboeken ingaan als vredesstichter. Tegelijkertijd willen de Verenigde Staten het Noord-Koreaanse dossier zo veel mogelijk op het bordje van Zuid-Korea leggen.
America First
Linksom of rechtsom, dat de Verenigde Staten zich deels afkeren van het Koreaanse schiereiland en elders een agressievere America First-strategie nastreven, kan flinke consequenties hebben, denkt Horan. In zijn artikel Assessing the Impact of the US’ New Foreign Policy Approach on North Korea’s Arms Trafficking Activity, betoogt hij dat America First twee elkaar versterkende gevolgen heeft. In de eerste plaats krijgt het zwaar gesanctioneerde Noord-Korea meer ruimte om zich te profileren als grote speler in de internationale wapenhandel. Daar was het land al geruime tijd mee bezig, maar volgens Horan krijgt dat nu een versnelling. ‘Het is nooit gestopt, maar omdat wij die vangrail weghalen wordt het Noord-Korea nu makkelijker gemaakt om wapens te exporteren.’
Enerzijds is dat omdat Noord-Korea sinds 2024, dankzij Russische veto’s, niet meer nauwkeurig gemonitord wordt. Het veto maakte een einde aan het VN-panel van Experts op de Democratische Volksrepubliek Korea, een onderdeel van de VN-Veiligheidsraad. En daarmee werd het zicht op de wapenstromen ernstig verhinderd. Aan de andere kant zijn er steeds meer staten en buitenstatelijke actoren, zoals het Nigeriaanse Boko Haram of de Jemenitische Houthi’s, die zich beter willen bewapenen tegen een steeds assertiever optredend Amerika.
Belangrijke lessen
Zowel regeringen als non-statelijke actoren kunnen twee belangrijke lessen trekken uit Trumps avontuur in Venezuela en de ontvoering van de Venezolaanse president Maduro en zijn echtgenote. Ten eerste deinst Washington echt niet terug voor gewapende interventie in een ander land en ten tweede: de Russische en Chinese wapensystemen hebben Maduro maar bar weinig geholpen. Zo zijn de Venezolaanse luchtverdedigingssystemen, door Moskou en Beijing geleverd, bijvoorbeeld niet in staat gebleken om ook maar één Amerikaans vliegtuig of helikopter neer te halen.
Dat heeft consequenties, schrijft Horan. ‘Huidige en toekomstige kopers van Russische en Chinese militaire uitrusting zouden hun partnerschappen in de toekomst kunnen heroverwegen en ervoor kunnen kiezen om hun inkoopketens te diversifiëren en ook andere leveranciers, zoals Noord-Korea, in te schakelen.’
Goedkoop
Wie kiest voor Noord-Koreaanse wapens, geniet bovendien verschillende voordelen. Zo zijn Noord-Koreaanse wapens relatief goedkoop. En hoewel ze misschien van mindere kwaliteit zijn, zijn ze interessant voor kopers die niet over diepe zakken beschikken. ‘Ouderwets, maar effectief, en geschikt voor wie niet de hoofdprijs wil betalen.’ De relatieve eenvoud van de minder geavanceerde Noord-Koreaanse wapens ondervangt ook de handicap van de meer geavanceerde wapensystemen, dat er vaak ook veel inlichtingen en communicatie bij de effectieve bediening ervan komt kijken. En dat benadeelt niet-statelijke spelers als Boko Haram of de Houthi’s.
Een ander cutting edge voordeel: Noord-Korea is bereid om wapens te leveren tegen niet-monetaire middelen. Want ook Pyongyang heeft zaken nodig om de economie draaiende te houden en die het vaak niet kan kopen vanwege de westerse sancties. En zo kunnen wapentransacties ook gewoon betaald worden met steenkool, olie of crypto.
Toekomstgericht
Last but not least: Noord-Korea belooft veel. In 2025 verklaarde de leider Kim Jong-un niet alleen de productie van conventionele wapens te willen verbeteren, maar ook die van ‘wapens voor toekomstige slagvelden’. ‘Dit zal potentiële kopers waarschijnlijk doen beseffen dat Noord-Korea in de nabije toekomst relevant zal blijven als wapenleverancier en zich zal aanpassen aan moderne methoden en behoeften’, aldus Horan. Hij wijst erop dat Noord-Korea in toenemende mate productiecapaciteiten bouwt. ‘Noord-Korea heeft de afgelopen paar jaar in meerdere fabrieken wapens geproduceerd, en niet alleen maar kogels en wapens, maar bijvoorbeeld ook drones.’
Hoewel Noord-Korea in beleidsstukken blijkbaar nauwelijks op de Amerikaanse radar voorkomt, denkt Horan wel dat een goed gesprek met Kim Jong-un op Trumps agenda prijkt. Niet alleen wil Trump immers de geschiedenis ingaan als vredesstichter, Kim Jong-un is voor hem ‘een los eindje’ nadat eerdere gesprekken zo faliekant mislukten. ‘Die onderhandelingen zijn onsuccesvol geweest, ik denk dat dit een bewuste keuze is van de Amerikanen.’
De illusie van denuclearisering
Jammer voor Trump: de denuclearisering van het Koreaanse schiereiland is een illusie. ‘Wij gaan nooit onze wapens opgeven’, verwoordt Horan de Noord-Koreaanse gedachtengang. ‘Denuclearisatie is gewoon een no go voor hen.’ Want wie zijn kernwapens wegdoet heeft verder geen enkele ‘leverage‘ meer, en die hefboom heeft het Noord-Koreaanse bewind nodig om aan de macht te blijven, tegen elke prijs. Een andere reden waarom Horan vermoedt dat de Amerikaanse benadering onsuccesvol zal zijn: Zuid-Korea is er op geen enkele manier bij betrokken. ‘Een deal sluiten zonder Zuid-Korea is het grootste probleem in Trumps onderhandelingstactiek.’
De Verenigde Staten doen er goed aan de neveneffecten van hun ‘beleidsomissie’ ten aanzien van Noord-Korea in de gaten te houden. Of zoals Horan het verwoordt: ‘Het vooruitzicht dat Noord-Koreaanse militaire uitrusting of soldaten worden ingezet om toekomstige militaire operaties van de VS te ondermijnen, mag niet lichtvaardig worden opgevat.’ De illegale activiteiten van het land vormen volgens hem nog steeds een ‘formidabele grensoverschrijdende bedreiging die voortdurende aandacht vereist’.




