“Zonder landbouw geen voedsel.” Die boodschap stond centraal tijdens het Jaarevent van Greenport Noord-Holland Noord op woensdagmiddag 28 oktober in het Smaakcentrum West-Friesland in Hem. Voor ruim honderd gasten spraken o.a. Rob de Wijk, hoogleraar internationale betrekkingen en oprichter van The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS), en Barend Bekamp, senior specialist Food & Agri bij RaboResearch, over de strategische, economische en maatschappelijke waarde van de agrifoodsector.
Voedsel als geopolitieke machtsfactor
Rob de Wijk waarschuwde dat Nederland in het landbouwdebat te veel op details is gericht, terwijl de internationale werkelijkheid snel verandert. Economische afhankelijkheden worden steeds vaker ingezet als politiek drukmiddel. Wie grondstoffen, technologie of voedsel levert, kan daarmee invloed uitoefenen op andere landen. Land- en tuinbouw is volgens hem een van de weinige strategische sectoren waarmee Europa daadwerkelijk gewicht in de schaal kan leggen. Nederland beschikt daarbij over een sterke positie in voedselproductie, veredeling, technologie en kennis. Om die positie te behouden, blijft voldoende productiecapaciteit nodig. Wanneer de agrarische sector te sterk krimpt, verdwijnen ook kennis, expertise en innovatiekracht. “Je hebt schaalgrootte nodig, anders raak je je positie kwijt. Als de kennisbasis verdwijnt, heb je een probleem”, aldus Rob de Wijk.
Volledige zelfvoorziening is volgens hem geen realistisch uitgangspunt. Nederland blijft voor energie, kunstmest, grondstoffen en een deel van zijn voedsel afhankelijk van internationale handel. Europa moet die afhankelijkheden beheersbaar maken, strategische handelsakkoorden sluiten met gelijkgestemde landen en voldoende productie en kennis behouden. Ook Noord-Holland Noord kan daarin een rol spelen dankzij de brede agrarische basis en de aanwezige kennis van teelt, veredeling, techniek en voedselverwerking. De Wijk riep de sector op om gezamenlijk op te trekken en zijn maatschappelijke betekenis nadrukkelijker uit te dragen.
Waarde van agrifood reikt verder dan productie
Barend Bekamp maakte vervolgens zichtbaar hoe groot die betekenis is. Volgens hem vertegenwoordigt de landbouw 7 procent van het Nederlandse bruto binnenlands product. In de top vijftig van Nederlandse bedrijven die het meest investeren in onderzoek en ontwikkeling staan dertien food- en agribedrijven. Die kennispositie is opgebouwd door ondernemers, onderzoekers, onderwijsinstellingen en toeleveranciers die elkaar versterken. Tegelijk zijn er zorgen over de opvolging van familiebedrijven. Hoge grondprijzen maken een overname lastig voor jonge ondernemers, vooral in de vollegrondsgroenteteelt in Noord-Holland Noord.
Bron: Groenten Nieuws, Greenport Noord-Holland, 30 oktober 2026



