HCSS in the media

Frank Bekkers in marine magazine Alle Hens: ‘Voorlopig geen rol marine in Noordpoolgebied’

August 12th 2020 - 09:16

Is Smeerenburg over 15 jaar niet alleen de naam van een magazijn in Den Helder, maar ook die van de vooruitgeschoven basis van 1 en 2 Marine Combat Group op Spitsbergen? En heeft de Koninklijke Marine naast een stationsschip in de West ook een stationsschip in de Noord, om de poolactiviteiten van Rusland en China te monitoren? Alle Hens vroeg het aan onderzoeker Frank Bekkers van het Haags Centrum voor Strategische Studies (HCSS) en auteur van het rapport 'Geopolitics and Maritime Security'.

De zee rond de Noordpool is een interessant gebied voor veel landen. Er liggen onder het wateroppervlak enorme voorraden olie en gas. Daardoor kan die witte wereld eenvoudig een brandhaard worden. Waarom willen landen daar boren, terwijl olie elders in de wereld makkelijker uit de grond is te halen? Volgens Bekkers is de onverzadigbare honger naar energie van China de belangrijke reden. "China haalt, van Afrika tot het poolgebied, overal grondstoffen vandaan en kijkt dus ook naar het Arctisch Gebied. De voorraden daar zijn groot, evenals de nadelen. Het is er erg onherbergzaam. Olie en gas liggen ver van alles verwijderd. Alle infrastructuur moet (opnieuw) worden aangelegd. Daar staat weer tegenover dat olie en gas in de Arctische kustwateren relatief simpel zijn te winnen, omdat de zee er niet diep is.”

Langste kustlijn, grootste voorraden

Het Noordpoolgebied grenst aan 5 NAVO-lidstaten (de VS, Canada, Denemarken, IJsland, Noorwegen) en aan Rusland. China noemt zichzelf een near-Arctic state, maar heeft daar volgens Bekkers weinig te zoeken. "Bijna alle bewezen reserves liggen binnen de Exclusieve Economische Zones (EEZ, de zogenoemde 200 mijlszone) van die 6 landen. Rusland heeft de langste kustlijn en dus ook de grootste voorraden. Het wil dat gebied graag ontwikkelen en gebruikt daar Chinees kapitaal voor. Zo krijgt China invloed. Die werkwijze hanteren ze in Afrika, op de Balkan en elders. Rusland gaat daar overigens gedoseerd mee om. Er zijn diverse samenwerkingsprojecten, maar de Chinezen krijgen nooit de meerderheid. Die blijft in Russische handen."

Kans op Pooloorlog minimaal

In het HCSS-rapport Geopolitics and Maritime Security staat dat Rusland een aantal oude Sovjetbases moderniseert en ook nieuwe aanlegt. "Rusland wil Siberië met z'n rijke grondstoffen ontginnen en probeert daarom de infrastructuur op te zetten om de grondstoffen te kunnen delven en afvoeren. Daar draait de Russische economie op; het is een olie en gas-economie. Stort de energieprijs in of wordt Russisch gas massaal geboycot, dan raakt dat de Russische economie diep."

Bekkers verwacht overigens weinig problemen in het Noordpoolgebied. "Er wordt af en toe te dramatisch over het Arctisch Gebied gedaan. Er is nog steeds een behoorlijk goed functionerende Arctic Council, waarin alle betrokken landen zitten. In 2010 is nog een langlopend Arctisch grensconflict tussen Rusland en Noorwegen opgelost [1]. Wel zijn er meningsverschillen over de status van delen van de Arctische Zee. Maar er zit zoveel olie in onbetwist gebied, dat de kans dat dergelijke disputen tot een pooloorlog leiden, minimaal is. Tenzij iemand op zoek is naar een casus belli… Rusland stelt zich wel assertiever - lees agressiever -, op richting de NAVO, maar dat uit zich niet per sé in het Arctisch Gebied."

Volgens het HCSS-rapport moderniseert en bouwt Rusland een aantal bases. "Rusland probeert infrastructuur op te zetten om grondstoffen te kunnen delven en afvoeren."

Weer onbetrouwbaar

Bekkers verwacht voorlopig niet dat de route naar het Verre Oosten via de Noordpool Rusland veel voordeel en invloed verschaft. "De route van Rotterdam naar Yokohama of Shanghai is via het Suezkanaal een derde langer dan via de Noordpool. Als alle andere condities hetzelfde zijn, pak je de kortste route. Dat is volgens mij pas over tientallen jaren zover. Ten eerste heb je via de noord-oostpassage nog jaren te maken met ijs. 's Zomers is hij wel begaanbaar, maar 's winters vaak niet. Het weer is er erg onbetrouwbaar, het is een bar klimaat. We leven in een just-in-time-economie. Er moet gegarandeerd worden aangeleverd, anders zijn de voorraden op.”

Geen support, hoge premies

De noord-oostpassage is te weinig betrouwbaar. Ten tweede is – zoals gezegd – een deel van de route ondiep en ongeschikt voor de modernste grote schepen. Het grootste probleem is dat er langs een groot deel van de route geen goede support of search & rescue-capaciteit is. De havens waar je kunt binnenlopen liggen ver uit elkaar. Dat betekent weer hoge verzekeringspremies. Rusland beschouwt de route als een binnenlandse vaarroute met alle regels van dien. Je moet altijd hun toestemming hebben, gebruikmaken van hun loodsen en hun ijsbrekers. Dat kost allemaal geld."

Gat bewaken

Bekkers denkt niet dat de Koninklijke Marine zich door de ontwikkelingen tot 2035 op wezenlijk andere taken moet voorbereiden. Het duurt wat hem betreft nog vele jaren voordat een verbinding met Japan of China om de noord waardevol wordt. De vraag is volgens hem wat de Nederlandse belangen in het noorden zijn. "Over de grondstoffen ontstaat geen internationaal conflict. Het is interessanter dat de Russen meer ijsvrije havens in het poolgebied krijgen en makkelijk kunnen uitbreken naar de noordelijke Atlantische Oceaan. Als er ooit een oorlog komt met een maritieme component, dan moet het gat tussen IJsland, Groenland en het Verenigd Koninkrijk worden bewaakt."

Meer inzetten op bestrijding

Nederland speelde tijdens de Koude Oorlog een belangrijke rol bij het vrijhouden van de noordelijke trans-Atlantische vaarroutes en het voorkomen dat Russische onderzeeboten zouden uitbreken. "Dat is ook in het huidige geopolitieke klimaat weer een belangrijke taak. Als de spanning tussen Rusland en het Westen meer toeneemt, is er dreiging vanuit Moermansk. Om onderzeeboten tegen te houden, gebruikten we destijds langeafstandspatrouillevliegtuigen. Die hebben we niet meer. Het werk van de P3C-Orions is nu wellicht af te dekken met onbemande vliegtuigen en satellieten. Kies voor een groot marineschip, een moederschip, van waaruit onbemande systemen wegvliegen, wegvaren of duiken. Hou de vaarroutes naar Rotterdam open; dat is en blijft belangrijk. De marine moet wat mij betreft meer inzetten op onderzeebootbestrijding. We hebben nog maar 2 fregatten voor de onderzeebootbestrijding en dat is niet veel."

Nieuwe onderzeeboten

De huidige Nederlandse onderzeeboten zijn aan vervanging toe. Volgens Bekkers moeten de nieuwe subs aan onderzeebootbestrijding kunnen doen. "Oppervlakteschepen zijn in toenemende mate sitting ducks. Steeds meer partijen beschikken over nauwkeurige langeafstandswapens. Iedereen weet waar iedereen is, ook op volle zee. Dat geldt echter (nog) niet voor onderzeeboten. Die gaan onder water en verdwijnen. Onderzeeboten vormen in toenemende mate de offensieve slagkracht van de marine. Ze kunnen inlichtingen verzamelen en special forces aan land zetten en oppikken. Belangrijk is de afschrikwekkende werking die ervan uit gaat. Je weet nooit of er een onderzeeboot in de buurt is."

Concentreren

De kans dat marinierseenheden in de toekomst daadwerkelijk boven de Poolcirkel vechten, acht Bekkers niet groot. “Maar daar moet je wel iets voor doen, in de vorm van geloofwaardige afschrikking”, nuanceert hij. “Daaraan draagt Nederland met zijn amfibische capaciteit bij. Voor Nederland en West-Europa is het van groter belang dat de haven van Rotterdam bereikbaar is en blijft. Als Nederland die haven weet te beschermen én een deel van de Noord-Atlantische route, zodat Amerikaanse troepen kunnen worden aangevoerd, dan doen we het goed. Daarop moeten we ons vooral concentreren."

Dit artikel verscheen oorspronkelijk in Alle Hens, het digitale maandblad van de Koninklijke Marine.

Tekst: Bert van Elk | Foto’s: SGTBDAV Jasper Verolme

Frank Bekkers Alle Hens

Frank Bekkers is Director of the Security Program. He studied Applied Mathematics at the University of Amsterdam and spent most of his career at the Netherlands Organisation for Applied Scientific Research (TNO), specializing in the area of Defence, Safety & Security. At TNO, he held a range of positions, including program manager, senior research scientist, group manager and account director. From 1996-1997, he worked as program manager for Call Media and Intelligent Networks for the telecom company KPN. His current position at HCSS combines shaping HCSS’s portfolio concerning defense and security-related projects with hands-on participation in a number of key projects.