Report

Denk- en datamodel Suspicious Signs

July 1st 2006 - 12:00

 In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten en het raamwerk voor de nadere analyse van de onderzoeksopdracht beschreven. Om te kunnen bepalen welke data (mogelijk) relevant zijn om suspicious signs te kunnen onderkennen, is het van belang een denkmodel ter beschikking te hebben. Het denkmodel gaat uit van een pro-actieve
benaderingswijze, om een risico’s voor personen en objecten te kunnen inschatten. Er wordt dus niet uitgegaan van het reageren op dreigingen, maar van een brede analyse
van potentiële dreigingen zodat preventief of pre-emptief kan worden gehandeld. Voor het onderzoek is ook een datamodel ontwikkeld dat TNO al grotendeels in eerder onderzoek had ontwikkeld. Het gaat hier om het dataverwerkingsprogramma PARANOID. Het denkmodel en het datamodel worden in dit hoofdstuk nader uitgewerkt en toegelicht.

Michel Rademaker is the Deputy Director of HCSS. He has a degree in Transport and Logistics, which he obtained at the University of Tilburg. He has fifteen years of hands-on experience as an officer in The Royal Netherlands Army, where he held various military operational and staff posts and also served a term in former Yugoslavia. After leaving the armed forces, Mr. Rademaker went on to work at the Netherlands Organisation for Applied Scientific Research (TNO) as a project and program manager and senior policy advisor for ten years.

Rob de Wijk is the founder and non-Executive Director of The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS). He studied Contemporary History and International Relations at Groningen, and wrote his PhD dissertation on NATO’s ‘Flexibility in Response’ strategy at the Political Science Department of Leiden University. Prof. De Wijk started his career in 1977 as a freelance journalist and later became lecturer in International Relations at Leiden University’s Political Science Department.